DE LEVENDE BODEM

Doe onderzoek naar wat er leeft in de bodem en meet hoeveel CO2 de bodem 'uitademt'

Niveau: bovenbouw H/V
Vakken: bi/sk/nlt/ak

Help je mee de bodem onderzoeken?

Het RIVM vraagt leerlingen om hulp
“De bodem is veel meer dan een woonplaats voor wormen, mollen en planten. In het Landelijk Meetnet Bodemkwaliteit hebben we gevonden dat de bodem van een weiland een hogere ademhaling heeft dan die van een akker. In akkers is de bodemkwaliteit door de intensieve landbouw dus lager dan in het grasland. Is dat bij jullie in de buurt ook zo? Met jullie gegevens krijgen we een beter overzicht van de bodemademhaling in Nederland. Jullie helpen ons dus bij het krijgen van meer en beter inzicht in de kwaliteit van de bodem.

De bodem speelt een belangrijke, maar voor een groot deel nog onbegrepen rol in het ecosysteem. Binnen dit onderzoek ga je werken aan de volgende vragen:

  • Wat leeft er in de bodem?
  • Hoeveel CO2 stoot al het leven in de bodem uit?
  • Hoe ziet een bodemprofiel er uit?
  • Wat is de kwaliteit van de bodem?

Wij kunnen de door leerlingen verzamelde gegevens gebruiken voor ons onderzoek en kijken dus uit naar jullie resultaten!”

Liesbet Dirven, Michiel Rutgers en Ton Schouten
Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM)

Ton Schouten, RIVM
Help je me mee het bodemleven te onderzoeken?

Wat is het belang van bodemonderzoek?

De bodem stoot CO2 uit. Dit noem je bodemademhaling of bodemrespiratie. Regenwormen fragmenteren organische resten, welke bacteriën weer verder kunnen composteren. Ook is de bodem een spons voor water: in natte omstandigheden neemt het water op, in droge omstandigheden houdt het water vast. Vooral als er voldoende gecomposteerde organische resten aanwezig zijn, is de sponswerking optimaal. De bodem maakt het mogelijk dat we landbouwproducten kunnen telen en koeien kunnen houden. Wist je dat het totale gewicht aan vee boven de grond veel lager is dan het gewicht van alle bodemorganismen in het grasland eronder?

Video-impressie van 1 minuut van GLOBE bodemonderzoek

NASA-satelliet

NASA heeft de SMAP-satelliet gelanceerd die bodemvocht meet. Leerlingen kunnen bodemvochtmetingen aan de grond doen om NASA te helpen de satelliet te kalibreren. Het onderzoek van de SMAP-module sluit perfect aan bij deze module ‘De Levende Bodem’.

Lees meer over SMAP…

Afhankelijk van aan welke onderdelen je mee doet, heb je meer of minder materialen nodig. Er zijn drie mogelijkheden (klik op + voor meer info):

Basisprotocollen

Voor de basisprotocollen kunnen de volgende materialen nodig zijn:

  • Beschrijving landschapstype/helling/bodemgebruik
  • Bodemtextuur (met de hand voelen)
  • pH meter of pH papier
  • Macrofaunabemonstering
  • Respiratiemeter (bodemademhaling). Deze kan zelf gemaakt worden met instructie in docentenhandleiding of besteld worden in een complete leskist (zie onder).
    • Pijp met deksel
    • 2 injectiespuiten met slang en aansluitdop
    • Dräger buisjes voor meten kooldioxide (0,1%/a)

Keuzeprotocollen

De volgende keuzeprotocollen zijn beschikbaar:

  1. Profielbeschrijving maken
  2. Bodemdichtheid
  3. Poriënvolume en deeltjesdichtheid
  4. Bodemvochtgehalte en bodemorganische stof
  5. Bodemvruchtbaarheid
  6. Waterinfiltratie
  7. Macrofauna bemonsteren en op naam brengen – uitgebreid
  8. Macrofauna regenwormen
  9. Macrofauna veelpotige dieren

Wij raden aan om te beginnen met de basisprotocollen eventueel gecombineerd met het SMAP-onderzoek. De complete omschrijving van materialen is te vinden in de docentenhandleiding.

Bestellen
GLOBE verkoopt zelf geen meetinstrumtenten. Veel bodembenodigdheden kun je bijvoorbeeld bestellen bij winkel.ivn.nl. (GLOBE scholen ontvangen 10% korting).
Drägerbuisjes kun je bijvoorbeeld hier kopen.

Respiratiemeter

1. Metingen doen
In de protocollen wordt uitgelegd hoe de metingen uitgevoerd moeten worden. Er is een beknopte set aan basismetingen en uitgebreide set aan keuzemetingen die je kunt doen:

​2. Metingen doorgeven
Typ je gegevens in deze Excel tabel en stuur deze op naar bodemgegevens@globenederland.nl.

Hoe gebruik je GLOBE bodem in de klas?

Bij voorkeur begint men met een theoretische inleidene les over het leven in de bodem en hoe de ademhaling van alle organismen in de bodem te meten is met een respiratiemeter. Laat de leerlingen nadenken over de verwachting die zij hebben over de waarde van de bodemademhaling. Wat is de invloed van temperatuur, bodemgebruik, vocht, etc.? Leerlingen bedenken dan een aantal beredeneerde locaties die zij onderling willen gaan vergelijken. In het daaropvolgend (blok)uur worden de daadwerkelijke metingen gedaan (op verschillende locaties). Hierna worden de metingen doorgegeven aan het RIVM en/of NASA. Als praktische opdracht of als profielwerkstuk kunnen de leerlingen eventueel nog een eigen onderzoek doen met de verkregen data.

Stappenplan
Wil je meedoen met GLOBE De Levende Bodem? Volg dan onderstaand stappenplan:

  1. Word lid van GLOBE.
  2. Kijk in de tab meetinstrumenten wat je eventueel nog nodig hebt en bestel dit.
  3. Download de docentenhandleiding (gebruik je GLOBE wachtwoord)​ en gebruik deze om een goede les op te zetten. Informatie over het gebruik van de verschillende GLOBE-accounts vind je in de handleiding.
  4. Download en print de leerlingenhandleiding 
  5. Laat de leerlingen de metingen doen en deze noteren op het dataformulier (zie tab ‘metingen’).

Lesmaterialen tto
Engelstalig lesmateriaal over water is te vinden op www.globe.gov. Dit is een goede tip voor tto scholen: er is veel content en het biedt een internationaal netwerk.

Kort overzicht
Er zijn verschillende manieren om GLOBE bodemonderzoek te doen:

1. Basis- en keuzeprotocollen

De basisprotocollen bestaan uit een goede set van metingen om mee te beginnen. Deze metingen zeggen iets over de biologische activiteit van de bodem. Verder zijn er verdiepende keuzeprotocollen te vinden. Door de metingen in te sturen, helpt de school wetenschappers van het RIVM!
Download docentenhandleiding
(school moet lid zijn en docent moet wachtwoord hebben voor www.globe.gov)​

2. NLT lesmodule “De bodem leeft” (HAVO)
De NLT module “De bodem leeft” heeft een schat aan informatie en proefjes over de bodem. Door deze te combineren met een GLOBE lidmaatschap voeg je een praktisch component toe aan de NLT module. De metingen van leerlingen kunnen dan doorgegeven worden aan het RIVM waardoor leerlingen een echt zinvolle bijdrage leveren aan wetenschappelijk onderzoek.

3. Engelstalig lesmateriaal (CLIL tip voor tto scholen!)
Het Nederlandstalige “GLOBE Bodem” is een specifiek Nederlands project waarvan de metingen niet in de GLOBE database komen, maar worden doorgegeven via een Excel bestand aan het RIVM. Het is echter ook mogelijk om binnen het internationale GLOBE programma bodemmetingen te doen die wél ingevoerd kunnen worden in de internationale GLOBE database.
Ga naar GLOBE Soil…

4. Voorbeeld onderzoeksrapport
Bekijk een PWS over de levende bodem…

5. Help NASA de SMAP-satelliet te kalibreren!
In 2015 heeft NASA de SMAP-satelliet gelanceerd. Deze meet bodemvocht vanuit de ruimte. Leerlingen kunnen helpen de satelliet te kalibreren door bij overkomst van de satelliet eenvoudige bodemvochtmetingen te doen.
Lees meer over SMAP…

Lesideeën en inspiratie

Hoeveel wormen zitten er bij jou in de bodem?
Opzet: Leerlingen gaan op een stukje gras in de buurt van de school op zoek naar bodemdieren, specifiek wormen. Ze kijken naar de hoeveelheid wormen, welke soort(en) wormen dit zijn en berekenen hoeveel (kg) wormen er in 1 ha. van de grond zitten
Benodigdheden: een schep, eventueel een weegschaaltje, eventueel een vergrootglas
Lesduur: 1 lesuur
Moment van onderzoek: lente of herfst
Vakken: Biologie

Onderzoekscyclus

Om een gedegen onderzoek te doen volg je de onderzoekscyclus. Dit betekent o.a. dat je van te voren goed nadenkt over een onderzoeksvraag en vervolgens een plan opstelt.

Lees meer over de onderzoekscyclus…

Meedoen?