Voorbeeld stap 3. Ontwikkel je onderzoeksplan

Uit het logboek van groep X:

  • Draairichting: M = met de klok mee; T = tegen de klok in. We bepalen de draairichting als die op de grond komt. tekening
  • We nemen tweelingzaadjes die onbeschadigde vleugels hebben. De eerste twee tweelingzaadjes krijgen nr. 1. Dat hebben we met een pen op de vleugels gezet.
  • Ook schrijven we een R op het rechter zaadje en een L op het linker zaadje. De zaadjes 1L en 1R zijn dus tweelingzaadjes.
  • Dat doen we bij de volgende tweeling op dezelfde manier. Op zijn rug (dan krommen de vleugels omhoog) met het steeltje naar je toe.
  • 10 tweelingen = 20 zaadjes
  • 10 keer laten vallen
  • Tweelingen tegelijk laten vallen is niet nodig. Allemaal van dezelfde hoogte laten vallen is niet nodig.
  • We gooien ze omhoog. Als hij eenmaal draait, verandert de draairichting toch niet. Gegevens in tabel:tabel vallend zaadje
  • Taakverdeling: Mieke gooit op; Jan kijkt bij neerkomen naar de draairichting; Hubert schrijft op.
  • Tijdsplanning: een les meten, een les gegevens uitwerken, een les conclusies trekken.
  • Hoe de gegevens uitwerken: weten we nog niet.